“We leave something of ourselves behind when we leave a place, we stay there, even though we go away.”
Pascal Mercier, Night Train to Lisbon

Over de helft..

Zit ik weer, achter mijn laptop.. Ruim 2 weken nadat ik hier ben aangekomen. Vorig weekend was ons eerste weekendje weg. Ik was echt even toe aan die mini-break, want het lesgeven is soms best vermoeiend. Denk dat het ook te maken heeft met het feit dat ik gewerkt heb tot woensdag 2 weken geleden, de dag erna in het vliegtuig gestapt ben en sindsdien alleen maar nieuwe indrukken moest verwerken. Plus dat de uitstapjes door de weeks heel leuk zijn, maar ook tijdrovend. Vorige week heb ik Ubud op dinsdag en Gianyar op woensdag geskipt en dat betekent uitslapen, rustig aan doen en ook tijd hebben om te les goed voor te bereiden, wat heel fijn is. Woensdag hebben we Klapang leren maken, een Balinese lekkernij. Als ik alle ingrediënten in Nederland bij elkaar kan vinden, zal ik het eens proberen na te maken.  

Vorig weekend zijn we dus naar de Gili Eilandjes geweest en dat was heerlijk. Vrijdagochtend zijn we vertrokken rond een uur of 7 ’s morgens. Het boeken van een boot was een klein drama. We hadden er eerst 1 geboekt, die later gecancelled, toen een andere geboekt, die achteraf veel te duur bleek. Tijdens het eten bij de Warung vertelden we Kadek dat we zouden gaan en hoeveel we voor de boot moesten betalen (1,1 mln Rupiah). Ik heb nog zelden zo grote ogen gezien; hij schrok zich een ongeluk. We hadden de boot veel te duur geboekt… Kadek heeft een vriend die bij een andere maatschappij werkte en heeft hem gebeld en toen konden we voor 800.000 Rupiah mee. Probleem was alleen dat we nu dus bij 2 bootmaatschappijen geboekt hadden, maar dat was volgens Kadek geen probleem; niet opdagen is normaal in Indonesië. Anke had er een beetje buikpijn van want de bootmaatschappij die we eerder geboekt hadden had haar gegevens. 10 Gemiste oproepen later bleek het toch niet zo normaal te zijn en ze hebben zelfs nog een mail gestuurd met dat ze ons gedrag onrespectvol vonden – wat overigens natuurlijk helemaal het geval is… Maargoed, we hadden nu wel een enigszins goedkope speedboot naar de Gili’s, dus over de rest hebben we niet te veel nagedacht. De trip viel mee en we waren rond 12 uur ongeveer in ons hotel; supermooie, grote ruimte met warme douches, een zwembad, een butler en een goed Engels sprekende gastvrouw (heel fijn). We hebben lekker gegeten, op het strand gelegen, gedanst en bijgeslapen. Zaterdagochtend hebben we gesnorkeld rond het eiland (we zaten op Gili Trawangan) en vlak bij Gili Air. Het is echt bijzonder hoe diep je kunt kijken. Ik ben heel slecht in gokken, maar ik denk dat we minstens 10 meter diep konden kijken (tot de bodem en die schat ik ongeveer 10 meter diep :-)). Het is bijzonder om te zien dat je het koraal soms ineens afloopt (als je van bovenaf kijkt, is daar de scheidslijn tussen het licht- en donkerblauwe van het water); echt bizar. We hebben veel mooie vissen gezien en zelfs 2 schildpadden. Ik ben wel gigantisch verbrand, ongelofelijk. Blaren op m’n bovenarm zo erg, maar het was het waard. ;-)  Zondag hebben we weer lekker ontbeten met bananenpannenkoeken en zijn we rond 3 uur (Balinese tijd, dus ongeveer 20 voor 4) weer vertrokken richting Bali. De reis was vreselijk. Eerst viel het nog mee, omdat we dicht bij de eilanden bleven. Voordat we naar Bali konden moesten we eerst stoppen op Gili Air en Lombok. Vanaf Lombok gingen we de open zee op en vanaf toen ging de boot vreselijk tekeer. De golven zijn enorm en de speedboot danste mee op de golven. Heb me zelden zo gevoeld en moest natuurlijk overgeven. Kadek stond ons op te wachten in Pandang Bai en na Prepanol (gekregen van Angela – tegen misselijkheid) en een glas ORS (tip van Liesbeth – extra vocht vanwege m’n verbrande huid) ben ik rond 9 uur al gaan slapen. Maandagochtend voelde ik me gelukkig een stuk beter.

Sinds vorige week zondag is er een nieuwe vrijwilligster; Amy uit de UK en ze is lerares (perfecte vrijwilliger dus :-)). Maandagochtend heeft ze bij Anke en mijn klas geobserveerd en dinsdag bij mijn Hanomanklasje. Hanoman was hartstikke druk en de kinderen waren niet zo goed aan het luisteren, dus ik baalde een beetje. Maargoed, in het vervolg kan ik dus co-teachen met Amy en dat is fijn, want dan is het gemakkelijker het zooitje in het gareel te houden hebben we meer tijd om dingen uit te leggen wanneer de kindjes het niet begrijpen. Ze zeggen namelijk altijd; yes, yes, yes als ik ze vraag of ze mij begrijpen. Echt een dingetje voor hier heb ik geleerd; ze zeggen nooit ‘nee’. Nee, ik weet de weg niet (ze helpen je gerust de andere kant op) of nee, ik snap het niet. Je moet het testen om er achter te komen of ze het nu wel of niet begrepen hebben.

Ondanks dat ik het lesgeven soms lastig vind, is het ook echt leerzaam. En daarmee bedoel ik dat het interessant is dat je bij jezelf opmerkt dat je steeds sneller leert schakelen. Je merkt snel genoeg wat je kindjes wel en niet leuk vinden en de dingen die ze leuk vinden kan je behoorlijk lang rekken. Het wordt ook steeds gemakkelijker om in te schatten wat ze weten en hoeveel tijd je nodig hebt voor een bepaalde oefening. Vorige week gaf ik met Laura een computerles en die was voor ons zelfs nog hartstikke pittig. Oefeningen waarbij ze zinnen moesten ontleden; zelfs in het Nederlands vind ik dat eigenlijk nog best moeilijk, dus dat hadden we een beetje verkeerd in geschat. Maar, zoals ik al schreef; best leerzaam voor jezelf dus ook nog. ;-)

Het is vandaag zondag en ik heb m’n tweede weekend dus ook alweer achter de rug. Donderdag op vrijdagnacht werden we rond 2 uur (Balinese tijd, dus ongeveer 10 voor 3) opgehaald bij het Learning Center om de Mountain Batur (vulkaan) te beklimmen en daar de zon op te zien komen. Omdat we een beetje laat waren (okay, de chauffeur kon het Learning Center niet vinden – er is nauwelijks bewegwijzering, nergens op Bali en de weg zijn ze steeds aan het openbreken) moesten we plankgassen richting de vulkaan. In het begin konden we nog een beetje slapen, later werd de muziek hard aangezet en konden we meezingen met Katy Perry. Rond 4 of 5 uur ’s morgens waren we daar en moesten we flink doorlopen om nog op tijd op de top de kunnen zijn. Natuurlijk was ik niet voorbereid op dit soort tripjes, dus moest ik de vulkaan beklimmen op Vans en in een legging (het was er koud, tenminste, op dat tijdstip nog). De klim was best pittig, maar eenmaal boven was het supermooi! We hebben er een tijd genoten van het uitzicht, daarna de krater ingelopen en stoom gezien en gevoeld. De afdaling daarna viel erg tegen (gelukkig was het inmiddels wel gewoon licht) en ben ik 2 keer geslipt en heb ik pijnlijke billen en een geschaafde knie. :-)

Gister zijn we Tanah Lot geweest; de meest gefotografeerde tempel van Bali. Van Anita hoorde ik dat je er naar toe kan lopen als heb eb is, maar het was natuurlijk vloed.. Leuk om te zien, het was er erg druk, maar ik vond het niet heel speciaal. Via een omweg (Echo Beach) zijn we daarna naar Kuta gegaan. Heel erg druk en toeristisch. We hebben wel lekker aan een soortement van wit strand gelegen, dus dat was fijn.

Vannochtend zijn we rond half 9 vertrokken naar Ubud. We hebben een tocht door de rijstvelden gemaakt; heel erg mooi. Ubud is heel bijzonder, aan de ene kant is het druk en rijden de scooters je van je sokken en even verder loop je zo alleen in de rijstvelden. Supergroen en heel erg mooi. Later hebben we nog een Balinese massage genomen, heerlijk ontspannen en mijn huid is nu nog steeds olie-achtig.

Morgen beginnen de lessen weer. Samen met Anke en Amy gaan we de kinderen voorbereiden op het beantwoorden van een brief die ze hebben gekregen van leeftijdsgenootjes uit Australië. Zij hebben de brief in Bahasa geschreven en onze kindjes moeten hen in het Engels antwoorden. Gesprekken voeren (gesproken en geschreven) vinden ze lastig, dus we gaan oefenen met het lezen en reageren op een brief en ze vertellen over de indeling (inleiding, kop, staart). Woensdag gaan we dan bezig met de Australische brieven lezen (en vertalen naar het Bahasa) en het beantwoorden.

Eerste solo-lesje

Al bijna een week in Keramas! Het gaat echt heel snel.

Maandagochtend na mijn eerste klasje kregen we een introductie van Vichara. Vichara is -ik denk ongeveer- 50 jaar oud en ze woont hier ergens in Keramas, maar komt oorspronkelijk uit Australië (of eigenlijk de US, maar dat is lang geleden). Ze heeft een commitment met het Learning Center voor 2 jaar en wordt betaald door de Australische regering om het werk te doen dat ze hier doet (lesprogramma’s maken en ze geeft leiding aan de staf). Het is fijn dat iemand alvast het één en ander heeft voorbereid en dat er structuur is in de lesprogramma’s. Ze heeft ons uitgelegd wat er van ons verwacht wordt en hoe de lessen ongeveer verlopen. Ze vertelde ook over Papa Agung (de initiator en eigenaar van het Learning Center). Bijzonder verhaal. Samen met Anke, Laura en Angela wonen we in het ‘nieuwe huis’; de kamers boven het huis van Papa Agung. Papa Agung is nu 69 jaar oud en was een accountant in dienst van de Indonesische regering (hoge functie en hij was eerlijk, wat nogal bijzonder is, want bijna iedereen was/is corrupt in hoge functies in Indonesië). In 2009 is Jakarta 2 keer gebombardeerd en Papa Agung was in het Mariott-hotel toen dat gebeurde; http://en.wikipedia.org/wiki/2009_Jakarta_bombings. Hij was één van de gewonden en was er slecht aan toe. Nadat dit gebeurd is, heeft hij besloten de familieresidentie om te bouwen naar een school en dat is hoe het Learning Center ontstaan is. Okay, dit dus is Vichara’s verhaal, want toen ik het checkte bleek dat het Learning Center opgericht is in 2007 en de bombardementen waren in 2009. Haar verhaal lijkt dus een beetje te rammelen, maar ach, het gaat natuurlijk ook meer om het idee. ;-)

Op het Learning Center zijn 3 lesmomenten per dag en er is day care. Day care is van 8.00 tot 10.00 uur, de eerste les is van 9.00 tot 10.30 uur en ’s middags zijn er 2 lessen van 15.30 tot 17.00 uur en van 17.00 tot 18.30 uur. In tussentijd gaan de kinderen naar hun eigen school. Die duurt in de meeste gevallen maar 3 uur en ze zijn verplicht om daarna andere activiteiten te bezoeken. Dus ondanks dat het hier allemaal vrijwillig is, zijn ze vrij trouw in het bezoeken van hun klassen (er zijn 20 klassen, ongeveer 200 leerlingen). Elke vrijwilliger geeft 2 lessen per dag aan in totaal 4 klassen (maandag en woensdag heb je dezelfde klassen en dinsdag en donderdag ook). Tussen de lessen door kunnen we op maandag en woensdag naar Gianyar en op dinsdag en donderdag naar Ubud (dan zijn er ‘s morgens geen lessen), om boodschappen te doen of iets anders.

De maandagochtendles (waar ik net al over schreef) werd gegeven door Ade en ’s middags heb ik haar weer ‘geobserveerd’. De lessen gingen beide over ‘likes en dislikes’; de ochtendklas had de gemakkelijke variant van de late middagles (vanwege het niveauverschil). De kinderen zijn heel gemotiveerd en doen goed mee. Voordat de klas begint moet iedereen z’n handen ophouden als het ware en dan zeggen ze samen een groet. Ik kan niet goed verstaan wat ze precies zeggen, maar ze eindigen met Om Swasti Astu. Wanneer je dat zegt, moet je je handen tegen elkaar voor je borst houden. Het is een groet die ze hier heel vaak gebruiken. Het betekent zoiets als; God zegene je. Elke klas heeft een ‘basket’ met daarin de mappen en schriften van de leerlingen en de map waarin hun lesprogramma zit. Van te voren kan je checken wat ze allemaal al weten en aan de hand van het lesprogramma kan je je dan voorbereiden. Hoewel dit niet per se hoeft (je bent vrij om ze te leren wat je wilt) is het wel handig, omdat er veel bruikbaar materiaal beschikbaar is. Als de les afgelopen is, komen de leerlingen naar te toe, pakken je hand en drukken die tegen hun voorhoofd (of wang). Dit is een gebaar om toestemming te vragen om te vertrekken, maar ik denk dat ze het ook leuk vinden om te doen. Ik vind het in elk geval leuk, want het komt heel lief over.

Dinsdagochtend zijn we naar Ubud gegaan. Ubud is het ‘culturele centrum’ van Bali en moet heel mooi zijn, dus ik was heel benieuwd. We zijn naar het Monkey Forest gegaan; een stukje jungle midden in een toeristisch Ubud. Het was daar lekker koel en inderdaad; er waren overal aapjes. Ze waren gelukkig niet al te groot. Daarna hebben we geluncht bij een Franse bistro en ik heb een quiche genomen. Heerlijk om even geen gekruide rijst te eten, die geuren maken me af en toe nog steeds misselijk. Verder hebben we niet veel gezien van Ubud (er schijnen ook rijstterrassen te zijn, dus die moeten we later nog eens gaan bekijken).

Dinsdagmiddag had ik mijn eerste les alleen (wat eigenlijk niet de bedoeling was, omdat we eerst bij al onze klassen moesten ‘observeren’). Ik vond het heel lastig om iets voor te bereiden, want ik wist niet hoe oud de kinderen in mijn klas waren. Ze bleken 10 te zijn. Lastige leeftijd, want ze begrijpen niet zo goed wat je bedoelt wanneer je iets uitlegt. Het waren er 10 denk ik, Hanoman heet hun klas. Ik heb ze links, rechts, vooruit en achteruit geleerd en we hebben een soort van schatgraven-spel gedaan. Ik had een schatkaart gemaakt en ergens waterballonnen verstopt. Dat vonden ze heel leuk, alleen bewaren ze het (in plaats van er mee te spelen) en zijn ze heel bang dat het kapot gaat. Echt grappig, ik kan me niet voorstellen dat Nederlandse kinderen dat ook doen. Daarna had ik een soort van doolhoven op het bord getekend die zij kopieerden in hun schrift. Ze moesten vanaf start opschrijven hoe ze naar de finish moesten komen. Ik heb nog nooit kindjes zo lief zien werken en ze vonden het nog leuk ook! Ik heb er wel 3 gemaakt, vooral de jongens waren er erg goed in. Ze vinden het heel leuk wanneer je ze complimentjes geeft en ze proberen allemaal als eerste klaar zijn. Ik hoor dan steeds; teacher, teacher, I’m finished en dan zwaaien ze met hun schriftje in de lucht. Echt leuk en ze glunderen helemaal als ze het goed gedaan hebben. Je ziet trouwens vrij snel niveauverschil in een klas. Daar moet ik nog iets op verzinnen, want een paar jongens waren zo klaar en sommige meisjes snapten het niet helemaal. Best lastig. Daarna zijn we nog naar hun tuin gegaan en we hebben nog een foto gemaakt. Ze zagen dat ik mijn camera had meegenomen en ondanks dat ze al klaar waren, wilden ze per se nog terug om een foto te maken met hun waterballon. ;-)

Vanmorgen had ik samen met Anke onze eerste geplande klas alleen. Anke en ik hebben onze klassen gecombineerd omdat ze niet zo heel groot zijn - dat had Ade de vorige keer ook gedaan en dat werkte prima. Tot gisteravond vrij laat hebben we wat dingetjes voorbereid voor de les die over ‘favorites and least favorites’ ging. We hebben ze ook grote getallen ‘geleerd’. Het was volgens mij herhaling voor hen, maar ze vonden het heel leuk, omdat ze de opdrachten zowat foutloos konden maken. Zelf op het whiteboard schrijven vinden ze ook erg leuk. Het verliep allemaal heel soepel en Anke en ik waren echt trots op onszelf. Papa Agung en 2 Australische mannen (die kwamen kijken naar het werk van Vichara) kwamen ons lokaal binnen en de kindjes waren weer heel goed bezig, dus dat was ook leuk. We moeten veel oefenen met uitspraak, want dat vinden ze nog erg moeilijk. We vragen ze daarom telkens woorden en zinnen te herhalen of hardop voor te lezen wat ze hebben opgeschreven.

Vanmiddag geef ik met Laura weer een les over hetzelfde onderwerp, maar dan een iets moeilijkere variant (en we gaan Halli Galli spelen, wat we zojuist al even geoefend hebben.. ;-)).

Dit weekend hebben we een trip naar de Gili Eilanden gepland. Vrijdagochtend nemen we de boot vanaf Padang Bai naar Gili Trawangan (google it for my fun ;-)). Wayan (chauffeur, dat is dus zijn naam) brengt ons er naar toe (hij rijd ons ook naar Gianyar en Ubud door de weeks). Ik ben heel benieuwd en ik zie er ook naar uit, want de dagen hier zijn best vermoeiend. Als je geen les aan het geven bent (of in de auto zit) dan ben je er één aan het voorbereiden…

Nice to meet you Bali

Ik had een beetje een valse start op Bali, maar inmiddels is Bali (so far) echt leuk.

Vrijdagavond rond 7 uur (’s avonds) landde ik op Denpasar, nadat ik eerst bijna mijn vlucht had gemist in Kuala Lumpur. Blij dat ik het gehaald had, maar balende dat mijn koffer niet in hetzelfde vliegtuig zat – mission impossible, want ik moest een trein naar mijn gate nemen. Toen ik daarna op zoek ging naar de meiden die me zouden ophalen en die niet kon vinden, werd ik echt even heel wanhopig; geen koffer, geen adres, geen telefoonnummer en geen internet zodat ik het alsnog kon opzoeken. Ik belde pap (want die bel ik dit soort situaties :-)) en ik kreeg even geen adem meer. Mam stuurde mij later nog berichtjes met de telefoonnummers die ik bijna allemaal niet kon bereiken. Toen ben ik naar een informatiebalie gegaan, op zoek naar internet. Blijkbaar hebben ze op Denpasar Airport geen computers met internetverbindingen (überhaupt bijna geen computers, aan de andere kant van de wereld bestaat het dus nog). Zo raar. Maar vanwege mijn betraande gezicht wilden ze me toch helpen en hebben ze me omgeroepen. Niet veel later zag ik de meiden van het Learning Center. Dat was de tweede keer in korte tijd dat ik even geen adem kreeg. Ik geloof niet dat ik ooit eerder zo blij was iemand te zien. ;-)

We liepen naar de parkeerplaats waar de chauffeur (naam vergeten, werkt ook hier) al op ons wachtte. Agung en Nopi zijn de namen van de meiden die mij op kwamen halen. Anita had al eens een foto gemaakt van Nopi, dus haar ‘kende’ ik al. Het zijn meiden die deel uit maken van de staf. Ze zijn beide 25 jaar oud en superlief. Ze hebben me een klein beetje rondgeleid op het terrein van het Learning Center, maar het was donker, dus de tour kreeg ik in exstended version nog een keer de volgende ochtend.

De volgende dag zijn we daarna naar een soort van festiviteit geweest op een Winery. Er was een meeting van Aziatische zakenvrouwen. Nadat ze een wijntour hadden gehad, gingen de meisjes en jongens (afzonderlijk van elkaar) een Balinese dans opvoeren. Heel leuk om te zien; zowel de jongens en de meisjes waren helemaal opgemaakt en heel mooi aangekleed. Het was ook grappig omdat wij als vrijwilligers (ohja, ik was tot zaterdagavond met Wendy (45+, Australië) en Emma (22, Zwitserland)) als een soort van pronkstukken moesten fungeren. We hebben daar wel echt heel erg lekker gegeten en ondanks dat het veel te warm was, was het echt een leuke dag. ’s Avonds was mijn koffer hier nog steeds niet en toen hebben Nopi, Agung en Ade nog eens gebeld. Antwoordapparaat. Het plan was om toen mee te gaan naar het vliegveld. Nopi en Agung gingen om mijn nieuwe kamergenootje op te pikken en ik kon dan mee om naar de lost-and-found-balie te gaan. Onderweg werd Nopi 14 keer gebeld, omdat de chauffeur die mijn koffer zou brengen het Learning Center niet kon vinden. We zijn toen omgekeerd en vanaf toen had ik dus eindelijk mijn koffer weer. Voor ik vertrok zijn Anke en Laura ook aangekomen, zij slapen in de kamer naast de mijne. Samen met hen en Emma zijn we later naar een beachclub geweest hier niet zo ver vandaan. De golven waren enorm en het personeel had niemand anders te bedienen dus de helft van de tijd hebben we met het personeel van Komune gespend.

Zondag zijn we om 9 uur opgestaan en zijn we naar een Balinese ceremonie geweest van de zoon van de man die eigenaar is van de warung waar we vaak eten. Van maandag tot donderdag kunnen we daar gratis eten, de overige dagen betalen we ongeveer 20.000 Rupiah (dat is inclusief drinken en is omgerekend ongeveer €1,25). Zijn zoontje Abi (alle namen hier zijn bijnamen, want hun originele zijn veel te lang en veel te moeilijk) krijgt een ceremonie (otone), omdat hij 6 maanden oud geworden is. Het brengt geluk wanneer er westerse mensen op een ceremonie aanwezig zijn, dus werden we uitgenodigd om dit bij te wonen. We reden naar een tempel in een dorpje verderop (na lang wachten – Balinezen zijn qua tijden net zo laks als Afrikanen, wat ik alleen van verhalen weet, maar toch). Veel familie was daar al en het was bijzonder om te mogen meemaken. Het duurde wel erg lang en ik trok het op een gegeven moment echt niet meer, want al die geuren door elkaar maken me zó misselijk. Ze steken telkens wierrook aan en er ligt ook allemaal geurig eten bij het offer (en het is HEET); geen goede combinatie. Rond 2 uur mochten we mee naar het huis van Kadeks ouders (eigenaar van de warung en vader van Abi) om met hen te eten. Toen we aankwamen in het huis, was ik een klein beetje in shock, want het is niet echt een huis. Het is heel diep, maar de helft heeft geen dak en de keuken is in de slaapkamer. Behalve dan dat er muren ontbreken. Alles staat in een grote rommelige ruimte, het lijkt meer op een soort van schuur (ook niet echt schoon). Voorin viel het mee en daar mochten wij als vrijwilligers zitten op een soort van biljarttafel. We kregen allemaal lekkere dingetjes te eten zoals cupcakes (gestoomd – dat zou ik in Nederland ook eens moeten proberen) en kokoskoekjes, maar dan niet zo zoet als de Nederlandse en ook echt alleen gemaakt van kokos. Heel lekker en ook fijn om even geen gekruide rijst te eten (kon het even niet meer aan), hoewel het vlak erna ook werd geserveerd. Kadeks familie is echt heel hartelijk en lief en ondanks dat bijna niemand Engels spreekt is het sowieso bijzonder om te zien hoe families hier met elkaar en gasten omgaan.

Daarna zijn we thuis gebracht en zijn we weer naar de beachclub gegaan. De beachclub is best luxe en heeft een zwembad, wat heel fijn is, want we mogen niet zwemmen. Tot nu toe heeft er steeds een rode vlag gehangen. De golven zijn superwild en hoog en het strand is zwart (heel raar), dus voorlopig is het zwembad prima. Later die avond hebben we weer gegeten bij de warung, Lugung heet het, en hebben we met 2 studenten van Kadek gekletst (naast dat hij warungeigenaar is, geeft hij ook les in Engels en food and beverages – zoiets). Ze waren 17 jaar oud en super verlegen. Kari Ayu is het meisje waarmee ik kletste en waarvoor ik voor morgen een huiswerkopdracht moet bedenken (moeilijk!). Toen ik met haar sprak bedacht ik me voor het eerst dat lesgeven hier lastig gaat worden, omdat ze de helft niet begreep. Hun Engelse niveau is erg laag, dus ik ben benieuwd hoe het morgen gaat, wanneer ik voor het eerst mijn ‘studenten’ ontmoet.

De eerste 2 dagen mogen de nieuwe vrijwilligers meekijken met de vrijwilligers die hier al langer zijn en de staf. Een rustig begin, dus dat is fijn. De bedoeling is dat we uiteindelijk zelf 2 lessen per dag gaan geven. Woensdagmiddag heb ik mijn eerste les alleen. Het schijnt dat er een lesprogramma is; daar gaan we morgen meer over horen…

Over het Slukat Learning Center trouwens: Het ligt in Keramas, in de buurt van Gianyar. Eigenlijk is het aan een zijstraat van een vrij drukke weg (levensgevaarlijk om die over te steken, wat wel nodig is al we naar de beachclub gaan), maar wel in een klein dorpje. Naast ons zit een bakstenenbakkerij die nog op de ouderwetse manier bakstenen bakt. De stank is enorm en omdat de wind altijd vanaf zee landinwaarts waait, hebben we dus altijd last van de rook. Wanneer ik die geur ruik denk ik nu al; we zijn thuis. ;-) Ik deel mijn kamer met een meisje uit Zwitserland (ze is zaterdagavond aangekomen) en ons huis is best okay (we hebben airco!). Telkens ruik ik een enorme chloorgeur wanneer ik binnenkom en eerst kwam dat door chloorballetjes, maar nu ik die heb weggehaald, ruik ik het nog steeds. Heel gek, maar het went ook. Zelfs de koude douches, als er tenminste genoeg druk op de kraan staat. Mijn roomie heet Angela, is 26, heeft net haar Master in rechten gehaald, is al een tijd aan het reizen en kletst veel en graag, dus dat is fijn. :-) Het uitzicht vanaf ons raam is heel mooi. Ook zijn er veel prachtige rijstvelden en ik heb gister zelfs een eendenhoeder incl. 40 eendjes gezien. Oh en iets anders; verkeer is ongelofelijk hier. Ze rijden hier links en als de linkerkant uit 2 banen bestaat, is de rechterkant voor het snelle verkeer en de linkerkant voor het langzame verkeer. Verder zijn er geen regels of worden die genegeerd. Iedereen rijdt kris-kras door elkaar en haalt elkaar van welke kant maar kan, in. Er rijden hier ook heel veel scooters. Blijkbaar moet je 15 zijn en een test afleggen voordat je mag rijden, maar ik heb al meerdere jongetjes van beslist niet ouder dan 10 op zo’n ding gezien. Heel vaak zitten ze ook met z’n 4-en op 1 scooter, van personal space hebben ze hier nog niet gehoord. ;-)

Buikpijn

Oeh. Bíjna. Ik kan de dagen tot m’n vlucht op één hand tellen en ineens krijg ik er buikpijn van… ;-)

image